31-01-06

Artikel

Paarden houden je een spiegel voor, waarin je geconfronteerd kunt worden met jezelf en je eigen gedrag. Paarden reageren direct en alleen op wat je doet; niet op wie je bent. Paarden reageren instinctief en zijn daarin volkomen eerlijk. Het paard reageert op je lichaamstaal en werkt zo als spiegel. Doordat het paard voortdurend spiegelt, dwingt het paard je als het ware contact aan te gaan met jezelf (en je gevoel).

Een paard is een kuddedier, en gewend geleid te worden door een leidende hengst en een leidende merrie. Deze bepalen de richting en de snelheid waarin de kudde zich voortbeweegt. Alle andere paarden van de kudde volgen. Een paard, uit de kudde gehaald, wil dus graag geleid worden. Van dit natuurlijke gegeven wordt bij therapeutisch paardrijden veel gebruik gemaakt. Doordat een paard zo duidelijk en zo direct reageert, en graag geleid wil worden door jou kun je met een paard goed oefenen, zowel naast als op het paard! Daarom zijn paarden zo geschikt als persoonlijke leraar.

Paarden verstaan geen dubbele boodschappen: als je ‘ja’ zegt, maar je lichaam zegt ‘nee’, verstaat het paard ‘nee’. Als je een paard mee leidt aan de lijn, en je laat zien dat je zelfverzekerd op je doel afgaat, zul je merken dat het paard gewillig met je meehobbelt. Zodra jij je echter onzeker voortbeweegt, begint het paard onmiddellijk te dralen; op zoek naar duidelijkheid en leiding.

Een paard schudt zijn hoofd, jij trekt je hand terug en vraagt je misschien af ‘vindt hij het soms niet prettig wat ik doe?’ Als je opstijgt en je stoot per ongeluk met je been tegen het paard aan, zeg je misschien onbewust ‘sorry’. Bij het aansingelen van het paard (strak trekken van de buikriem), vraag je misschien wel 3 x of het niet vervelend voor het paard aanvoelt. Deze kleine interacties tussen jou en het paard kunnen al heel typerend zijn voor hoe jij gewend bent met de ander om te gaan.

Je kunt leren communiceren met mensen door te leren communiceren met paarden. Omgaan met paarden gaat net als met mensen: Als je de stal voorzichtig aan de zijkant insluipt zonder dat het paard je bemerkt, zal het paard geen rekening met je houden en je misschien wel aan de kant duwen. Anderen kunnen jouw plek pas erkennen als je die plek ook zelf ingenomen hebt. Mensen reageren vaak minder duidelijk dan paarden. Paarden hebben gelukkig niet de beleefdheid om toneel te spelen. Ze reageren op wat ze zien en voelen. Toch lijken paarden en mensen wel op elkaar. Als je aan een paard niet duidelijk maakt wat je wilt, dan doet hij wat hij zelf wil. Je moet onderhandelen met een dier, dat veel groter en sterker is dan jijzelf en ook nog eens op een aardige manier. Dat lijkt heel erg op menselijke communicatie.

Communiceren met een paard doe je vooral non-verbaal (lichaamstaal, zonder woorden). Daarbij valt de vaak zo knap aangeleerde verbaliteit van ons mensen weg! Dit kan lastig zijn, maar het levert je echtheid in contact op met je eigen gevoel en met de ander, zonder dat je je kunt verstoppen achter je eigen taalgebruik. 

Wanneer je op een paard gaat zitten, zul je je bewust worden van spanningen in je lijf. Je zit misschien gespannen en krampachtig op het paard. Je bewegingen zijn dan niet soepel en flexibel, waardoor je makkelijk uit evenwicht kunt raken. Bovendien reageert het paard op jouw spanning door ook gespannen te gaan lopen, waardoor jij weer niet lekker kunt zitten. Een prachtige verduidelijkende wisselwerking.

‘Ontspannen en contact met je gevoel maken’ dat klinkt nogal vaag. Je kunt ook ontspannen door te gaan zwemmen, joggen, dansen of wandelen met de hond. Is er een wezenlijk verschil met paardrijden? Zeker, het grote verschil is dat je met een groot en sterk levend wezen te maken hebt, dat jou bovendien ook draagt. Het leren omgaan met zo’n groot sterk en machtig dier vergroot juist dat wat je tegenkomt, waardoor het snel en helder wordt waaraan je wilt werken. Bovendien: het omgaan met een dier met zo’n power in zich, kan niet anders dan leiden tot een trots en groeiend gevoel!

Het begint met vertrouwen en je overgeven. Als het paard nieuwsgierig aan je snuffelt, en je hoort dat je dat gewoon kunt laten gebeuren, is dat al het begin van vertrouwen krijgen en je overgeven. Later op het paard gaat dat veel verder. Laat je dragen. Geef je over aan het dier. Heb vertrouwen.Dat is voor veel mensen moeilijk. Als ze verder zijn, leren ze ook balans te vinden tussen geven en vertrouwen aan de ene kant en de controle over het paard nemen aan de andere kant. Je vraagt aan het paard zich ook over te geven aan jou. Deze wisselwerking laat zich goed vertalen naar andere situaties in het leven.

Na een paar keer zie je al duidelijk verbetering. De mensen krijgen meer zelfvertrouwen, ze lachen meer en nemen meer initiatief in het contact. Mensen merken dat lijfelijk contact met het paard hen rustiger en zelfverzekerder maakt. Mensen met angst hebben veel baat bij een rustig en betrouwbaar paard. Wanneer ze daar na verloop van tijd mee durven werken en op durven zitten, helpt hen dat over een drempel heen waardoor ze in hun dagelijks leven hun vastgeroeste denkpatronen, gebaseerd op angst, kunnen doorbreken. Niet de angst overwinnen is daarbij van belang, maar de angst relativeren. Leren dat je niet bang hoeft te zijn. 

 

Paarden uiten zich in lichaamstaal en hun contact houdt veel lijfelijkheid in.  Omgaan met een paard confronteert je zeer direct met lichamelijk contact. Mensen die daar moeite mee hebben (seksuele trauma's, angstige mensen, mensen die contact vermijden, mensen die moeite hebben met hun houding) kunnen veel van paarden leren. In paardrijden komen heel veel van deze elementen samen. Op een paard zit je rechtop, laat je je zien en heb je een zeer direct fysiek contact met gevoelige en erogene zones.

Voor vrouwen met seksuele problemen (incestervaring, verkrachting, aanranding) speelt er nog een ander aspect mee. Zij hebben vaak last van verkrampte bekkenbodemspieren of schakelen het gevoel in hun bekken volledig uit. Door paard te rijden, zadelcontact, kunnen ze daar langzaam aan weer gevoelens toelaten. Ze leren die spieren bij het rijden soepel te gebruiken. Ze krijgen het gevoel terug dat ze controle hebben over hun eigen lichaam. Bovendien kun je met een paard lichamelijk contact hebben en jezelf zijn, zonder dat je op je hoede hoeft te zijn.

Een citaat van een cliënt uit Sneek na een jaar therapeutisch paardrijden: "Paardrijden is net het leven zelf! Als je geen initiatief neemt en niet goed stuurt en leidt, niet weet waar je heen wilt, dan kom je helemaal nergens en neemt het leven een loopje met je!"

Ton Griffioen uit Hoogeveen: " Acht jaar geleden kreeg ik de ziekte van Parkinson. Dat ging gepaard met een burn-out. Ik ben lichamelijk vaak heel stijf en moe en geestelijk gespannen en neerslachtig. Ik heb nu bij Hellen in Ruinen 10 keer een uur therapeutisch paard gereden. Iedere keer maak ik vorderingen en ik ben telkens heel moe. Maar ik heb het fantastische gevoel alsof ik de hele wereld aankan, zoveel energie. Ik leer als het ware opnieuw gebruik te maken van mijn eigen krachten. Het paardrijden ontspant me door het schommelende ritme. Het was en is nog vaak heel spannend, maar na afloop voel ik me altijd geweldig".

 

geplukt van http://home.planet.nl/~bosm0438/prod02.htm

21:53 Gepost door k in Artikel andere site | Permalink | Commentaren (0) | Tags: artikel |  Facebook |

26-01-06

artikel Dierennieuws.NL

Ook mensen met een lichamelijke handicap of met psychische problemen kunnen aangepast leren paardrijden. Paardrijden werkt stimulerend op de conditie, het reactievermogen, de concentratie, het doorzettingsvermogen, het zelfvertrouwen en de eigenwaarde.

De mogelijkheden

Iedere handicap vereist een ander soort begeleiding. De mogelijkheden voor aangepast therapeutisch paardrijden zijn:

 


  • Paardrijden voor gehandicapten
  • Hippotherapie
  • Orthopedagogisch en psychotherapeutisch paardrijden

Paardrijden voor gehandicapten

In verschillende maneges in Nederland kunnen ook gehandicapten paardrijden. Een speciaal opgeleide instructeur geeft de lessen vaak in samenwerking met een arts of fysiotherapeut. Ook vrijwilligers zijn belangrijk bij het opzadelen en het leiden van het paard tijdens de les.

Enkele aanpassingen voor rijden met een handicap zijn:

  • Het vacuümzadel; een ¨kneedbaar¨ zadel dat nadat het in de gewenste vorm is gekneed vacuüm wordt gezogen, waardoor het de gewenste vorm behoudt.
  • Het klittenbandzadel; een versterkt zadeldek met verstelbare steundelen.
  • Aanpassingen aan teugels, stijgbeugels en andere onderdelen.
  • Het huifbed; een soort bed waar twee pony's onderlopen.

Het huifbed is uitgevonden voor zwaar gehandicapte kinderen voor wie het niet mogelijk is om zelf op een paard te zitten. Twee getrainde pony's lopen in een stalen frame waarin een doek is gespannen. Dit doek zit boven de ruggen van de pony's gespannen en de gehandicapte ligt op dit zeil. Door de loopbeweging en de warmte die de pony's afdragen wordt het gehele lichaam op een prettige manier gemasseerd.

Naast paardrijden als stimulerend voor de conditie, het reactievermogen, de concentratie, het doorzettingsvermogen en het zelfvertrouwen, heeft het ook therapeutische voordelen. Zo zorgt het ook voor ontspanning, balans (en herstel), spierversterking en vergroot het de mobiliteit.

Hippotherapie

Hippotherapie is eigenlijk gewoon fysiotherapie op een paard. Hippotherapie geeft een fysiotherapeut met een vervolgopleiding ¨Hippotherapie¨. Ook deze vorm van therapie zorgt voor een verbetering van de motoriek en houding, coõrdinatie en ontspanning van spieren.

De ruiter zit zonder zadel op het paard en de begeleider leidt ze aan een lange teugel rond. Door de beweging van het paard ontspant de ruiter en verbetert zijn houding. Het leuke van hippotherapie is dat het niet in een praktijk voor fysiotherapie gebeurt. In een manege gaan de klachten sneller over, omdat de paarden een positieve uitwerking hebben op de patiënt.

 

Orthopedagogisch en psychotherapeutisch paardrijden

Deze therapie is ontwikkeld voor kinderen met een coõrdinatie- en gedragproblemen, autistische stoornissen, ontwikkelingsstoornissen (motorisch-, taal- en spraakstoornissen), angststoornissen en eetstoornissen. Maar ook voor kinderen die een vervelende ervaring moeten verwerken en weer vertrouwen in zichzelf en de wereld moeten opbouwen.

De paardrijlessen zijn individueel of in kleine groepjes. Het doel is om de kinderen of volwassenen vertrouwen in zichzelf, zelfstandigheid en een eigen identiteit te geven. Het contact met het paard en de natuur speelt hierbij een belangrijke rol. Deze lessen worden meestal in de vorm van voltige gegeven. Voltige houdt in dat er gymnastieke oefeningen op de paardenrug worden verricht.

Recreatie en sport

Aangepast paardrijden kan ook recreatief gebeuren. Recreatief ontspant de ruiters en is therapeutisch. Een aantal maneges in Nederland geven lessen voor aangepast paardrijden. Soms komen daar serieuze liefhebbers van de paardensport uit voort. Dit is mogelijk gemaakt door de VHWG (Vereniging Hippische Wedstrijdsport Gehandicapten). De doelstelling van deze vereniging is het bevorderen van de hippische wedstrijdsport voor ruiters en menners met een lichamelijke en/of visuele handicap. De vereniging verzorgt nationale- en internationale wedstrijden. Ook is het mogelijk om selectiewedstrijden te rijden voor de Paralympics. Meer informatie is te vinden op www.vhwg.nl .

Jacinta Hack
27-03-2003

U vindt meer informatie op de volgende sites:

DN redactie
DN 31/03/2003

21:14 Gepost door k | Permalink | Commentaren (3) |  Facebook |

21-01-06

artikel Het Laatste Nieuws 21/10/2005

Genezen met behulp van paarden

Vanaf januari 2006 bestaat er een nieuwe postgraduaatsopleiding: "Equine Assisted Therapy" (EAT). Dit is een opleiding om therapeutisch en orthopedagogisch te leren werken met behulp van een paard. Via deze werkwijze wil men de levenskwaliteit van personen met specifieke noden verbeteren op fysisch, pedagogisch, sociaal en emotioneel vlak. De opleiding gaat door in de Gentse Arteveldehogeschool en de Hogeschool Gent.

Hippotherapie
"Er bestaat al lang zoiets als hippotherapie", zegt Godi De Vos, coördinator van de nieuwe opleiding, "maar EAT is veel breder dan dat. Het gaat binnen EAT niet alleen om het berijden van het paard, het contact met het paard is even belangrijk. Let wel, binnen de EAT is het niet de bedoeling te leren paardrijden. Het paard is een middel en geen doel op zich."

De behandeling via de Equine Assisted Therapy zou aangewezen zijn bij personen met fysieke beperkingen, personen met psychomotorische, cognitieve en orthopedagogische problemen, maar ook bij personen met psychologische of psychiatrische problemen. Het postgraduaat is gericht op personen met een basisdiploma in de gezondheids- of welzijnssector. In het buitenland bestaan dergelijke opleidingen al langer.

Pegasusproject
De opleiding werd samen met buitenlandse partners ontwikkeld binnen het Pegasusproject. Dit is een project van het Europese programma Leonardo da Vinci dat professionele opleidingen in Europa wil bevorderen. De Arteveldehogeschool uit Gent was de coördinator van dat Pegasusproject.

Buitenlandse studies wezen eerder al op de positieve effecten van de EAT. "Eigenlijk is het wetenschappelijk heel moeilijk te onderzoeken wat de resultaten zijn van een therapeutische behandeling met behulp van een paard. Ik ben er echter van overtuigd dat de patiënten erop vooruitgaan", zegt De Vos.

Ongelooflijk veel vraag
Toch zijn er nog veel uitdagingen voor de EAT. "Er is ongelofelijk veel vraag naar een dergelijke behandeling", weet De Vos nog. "Ook om die reden is de opleiding er gekomen. Maar het aanbod is veel te klein. Er moet meer aansluiting gevonden worden met maneges. Voor hen is het meewerken aan de opleiding commercieel echter zelden interessant. Een ander probleem is de hoge kostprijs van de EAT. De huur van het paard en de kost van de therapeut en de begeleider van het paard lopen op tot 20 à 25 euro per half uur.

Gezien de behandeling niet erkend is, kan die ook niet terug betaald worden. En dat vormt toch wel een probleem", besluit hij.
21/10/05 18u55

15:52 Gepost door k in Artikel andere site | Permalink | Commentaren (0) | Tags: artikel |  Facebook |

19-01-06

 

 EAT schema

Deze prent komt van de site van Charlotte Sustronck  (5http://users.telenet.be/aangepastpaardrijden/index.html)

20:48 Gepost door k | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |

Inleiding

Therapie met paarden is een ruim begrip. In deze tekst gaan we dit begrip dan ook uitdiepen. We overlopen en bespreken de verschillende soorten therapieën en hun doel. We beschrijven welke paarden hiervoor geschikt zijn. We bekijken de mogelijke hulpmiddelen die gebruikt kunnen worden, en de positieve invloeden die de therapieën meebrengen.

1. Introductie

Het centrale idee van therapie met paarden is dat, voor de deelnemers, de interactie met paarden positieve invloeden met zich mee kan/zal brengen. We spreken hierbij niet enkel over lichamelijke verbetering, waarbij we paardrijden uitsluitend bekijken als sport. Nee, er worden ook resultaten verwacht op cognitief, psychisch en sociaal vlak, zoals bvb. het uitbouwen van zelfvertrouwen, en het contact met anderen.

Dergelijke ontplooiing blijkt natuurlijk interessant wanneer we denken over mensen met mentale en/of fysische handicaps. De eerste groep krijgt kans om zich te ontwikkelen op een ontspannende manier. De tweede groep heeft de mogelijkheid om hun coördinatie en spiergroepen te trainen.

In de verdere tekst gaan we hier dieper op in.

2. Soorten therapieën

Hippotherapie

Hippotherapie beslaat het behandelen, door middel van een paard, met als doel de algemene toestand van de patiënt te verbeteren (Dekens, 2000: 14). Het beperkt zich echter tot een deelfacet van de meer algemene therapie met paarden: men spreekt uitsluitend over fysieke en lichamelijke factoren (Flamez, 2001: 6). Desondanks wordt hippotherapie vaak, verkeerdelijk, gebruikt als overkoepelende term. Zo spreekt Dekens over psychomotorische en/of sociale stoornissen (Dekens, 2000: 14). In deze tekst beperken we ons echter tot het geneeskundig (fysisch) aspect.

Deze vorm van therapie maakt gebruik van het ritme, de warmte en de bewegingen (bvb. het op- en neergaan) van het paard. Wat hiermee bereikt kan worden wordt verder uitgediept in sectie 6.

Orthopedagogisch paardrijden

Bij deze vorm van therapie wordt gewerkt op vier domeinen (Flamez, 2001: 9):

  • Verzorging van, en omgang met het paard.
  • Orthopedagogisch voltigeren (begeleider houdt het paard aan een lang touw).
  • Berijden van een geleid paard.
  • Zelf actief rijdend.

Het streefdoel draait hierbij vooral rond de sociale ontplooiing: de interactie tussen de ruiter, het paard en de begeleider. Het gaat niet over het leren paardrijden zelf.

Psychotherapie met paarden

Deze, nog recente vorm van therapie, werkt vooral rond beperkingen van sociale en psychische aard. De accenten veranderen naarmate men vanuit één van de verschillende uitvalshoeken werkt (bvb. gestalt, client centered therapie of andere).

Een voorbeeld hiervan komt vanuit de theorieën van Freud. Een paard zal reageren op de ingesteldheid (bewust of onbewust) van de ruiter. Heeft de ruiter bvb. angst, dan zal het paard hierop zelf angstig reageren. Zo wordt de ruiter verplicht om zich van zijn angst te vergewissen. Het paard dient daarbij als spiegel op de ruiter.

Paardrijden als sport

Dit is niet echt een vorm van therapie, maar eerder een hobby. Het gaat hier vooral over het leren paardrijden, wat dienst doet als vrijetijdsbesteding waarbij men zich kan ontspannen. Dit betekent echter niet dat alle andere heilzame effecten (bvb. oefening van de spieren) geen rol meer spelen. Het is dan ook in dat opzicht dat deze “therapie” zijn nut kan bewijzen.

3. Geschikte paardenrassen

De paarden die men voor therapeutische doeleinden gebruikt, hebben een kalm en gehoorzaam karakter. Het zijn echter geen verwaarloosde, oude pony’s. Deze dieren zoeken geen contact meer met mensen. En dat is juist een waardevolle eigenschap van een therapiepaard. Deze paarden zijn ook best eigenzinnig: ze zijn geen knuffeldieren en willen dus ook niet zo behandeld worden. Soms stoten ze dus af. Een ruiter moet hier mee leren omgaan. Net als mensen kunnen dieren eens een slechte dag hebben en dat tonen ze dus ook duidelijk (Coppens, 2001: 37-41).

De paarden mogen ook niet te groot zijn. Kinderen of mensen met een fysieke beperking moeten er ook immers op geraken. Dit maakt het ook gemakkelijker voor de begeleiding. Zo kan deze nog helpen met de besturing van het paard. Men let best ook op de bouw van het paard. Een brede rug vergemakkelijkt de zit van de ruiter. De ruiter valt er immers minder snel af.

Het moet kunnen omgaan met mensen die moeilijk op zijn rug geraken, met lawaai, met ongecontroleerde bewegingen, en soms zelfs met agressie. Indien een paard hier paniekerig op reageert en zo de eventuele angst bevestigt, dan heeft de therapie weinig slaagkans.

Het therapiepaard moet goed kunnen reageren op gesproken bevelen. Waar een valide ruiter het paard opdrachten kan geven door fysieke aanduidingen (bvb. het verplaatsen van z’n gewicht, het aansporen met de benen), is dit voor een mindervalide ruiter niet altijd mogelijk.

De begeleiders werken niet met een bepaald ras van paard. Indien het dier aan bovenstaande kenmerken voldoet is het geschikt voor gebruik in therapie. Niettemin beschikken volgende rassen in het algemeen over deze eigenschappen:

  • Fjorden:  brede, vrij lange rug; kalm maar levendig karakter.
  • Ijslanders: meerder comfortabele gangen; rustig van aard.
  • Haflingers: buitengewoon betrouwbaar; hardwerkend; vlotte gang.

4. Hulpmiddelen

Tinkerbed of huifbed

Het huifbed of tinkerbed bestaat uit twee paarden en een (meestal overdekte) koets met drie wielen. Er wordt een zeil of doek vastgemaakt dat over de ruggen van de paarden loopt. Bedoeling is dat de patiënt (iemand met een meervoudige of ernstig fysieke beperking) hierop wordt gelegd. Dankzij het ritmisch stappen en de lichaamswarmte van de paarden wordt dit een aangename ervaring voor deze mensen. Het vormt een natuurlijke massage. (Dekens, 2000: bijlage)

Dankzij een speciale lift kan men iedereen in de koets leggen. Het huifbed wordt ook tinkerbed genoemd omdat het getrokken wordt door Tinker-paarden. Tinkers zijn koudbloedige paarden. Hieraan hebben ze hun zacht karakter te danken. Ze komen aan hun naam doordat ze hun benen hoog opheffen. Dit zorgt voor een aangename wiegende beweging. Hierdoor maken hun hoeven een speciaal ‘tinkende’ geluid op de straatstenen. Deze beweging en het geluid maken ook deel uit van de aangename ervaring.

Westernzadel

Het westernzadel biedt de ruiter een meer comfortabele zitplek dan een klassiek zadel. Het beschikt over een hogere lepel en een voorboom (voor- en achterkant), wat zorgt voor een stevigere zit. De ruiter kan zich daardoor ook beter vasthouden, zowel voor als achteraan. Dit zadel is dan ook geschikt voor mensen met weinig evenwicht, ruiters met instabiliteit van het bekken, enz.

Gesloten beugel

Dit is een speciale stijgbeugel, die beschikt over een lederen kap aan de voorzijde ervan. Deze kap zorgt ervoor dat de voet van de ruiter niet door de stijgbeugel glijdt. Dit vermijdt het gevaar dat de ruiter met z’n voet blijft vasthaken na een mogelijke val.

Deze beugel is geschikt voor ruiters die moeite hebben de voet in de beugel te houden, last hebben van ongecontroleerde reflexen, of hoge spierspanning in de benen.

Letterborden met afbeeldingen

Pistes beschikken standaard over letteraanduidingen die gebruikt worden bij het aangeven van dressuuroefeningen. Bvb. “voer een volte uit bij punt C.” Voor mensen met een verstandelijke handicap, kinderen, mensen met dyslexie of analfabeten vormt dit een obstakel. Dit wordt opgelost door de letters aan te vullen met een bijhorende tekening. Bvb. een citroen bij de letter C.

Verplaatsbaar opstapperron

Dit is een soort trap, met drie à vier treden, en een breed plateau. Soms wordt dit aangevuld met een leuning of steun. Dit helpt ruiters die moeite hebben om de hoogte van het paard te overbruggen. De breedte van het plateau laat daarbij toe dat de begeleider hier nog eens extra kan helpen.

Andere

De eerder vernoemde hulpmiddelen zijn natuurlijk niet de enige die te vinden zijn. Ze geven echter een goed beeld van het gevarieerde aanbod. Voor ieder probleem kan een oplossing gevonden worden.

5. Doelgroep

In principe is therapie me paarden voor veel mensen toegankelijk. Leeftijd speelt omzeggens geen belang: de meeste maneges laten ruiters toe vanaf zes jaar. Dit maakt het toegankelijk voor de meeste doelgroepen: personen of kinderen met leermoeilijkheden, verstandelijke beperkingen, van lichte tot zware fysieke beperkingen, gedragsstoornissen, delinquent gedrag of psychische problemen. Het is ook goed voor verwaarloosde kinderen: kinderen met een laag zelfbeeld, gepeste kinderen, kinderen uit kansarme gezinnen, …. Ook mensen met meervoudige handicaps kunnen hier terecht (denk bvb. aan het tinkerbed uit sectie 4).

6. Resultaten van therapeutisch paardrijden

Cognitieve ontwikkeling

We praten hier over verstandelijke ontplooiing of het leerproces. In therapeutisch paardrijden wordt hieraan gewerkt door het bijbrengen van kennis over het verzorgingsmateriaal, de onderdelen van het  zadel, het omdoen van het hoofdstel, enz. Men gaat ook het visueel geheugen trainen door de oefening die men moet uitvoeren, zoals bvb. een diagonaal. Men werkt ook door herhaling; bvb. de ruiter moet steeds links van het paard opstappen.

Lichamelijke ontwikkeling

Lichaamswaarneming: er is een sterk fysiek contact tussen mens en paard.  Hierdoor wordt men zich bewust van het eigen lichaam. Men gaat zich ook vergelijken met het paard. Zo leert men ook zijn eigen fysiek beter kennen.

Ruimte en tijdsbesef: ruimtelijke oriëntatie betekent dat de ruiter zijn eigen lichaam kan situeren in de ruimte. De persoon met een handicap kan zich dan beter niet-concrete begrippen voorstellen; begrippen zoals afstand, snelheid en van richting veranderen. Het paard staat niet stil. Men moet voortdurend zichzelf opnieuw situeren in de ruimte. Concreet betekent dit bvb. de wereld er een stuk anders uitziet van op de rug van een paard.

Evenwicht: het paard verandert soms van richting. Het beweegt ook. Dit alles vraagt van de ruiter een zeker evenwicht. De ruiter past zijn houding aan de bewegingen van het paard aan. Dit is zeker in het begin geen evidentie.

Coördinatie en dissociatie: men moet een goede controle hebben over bewegingen van de armen, benen, de romp en het bekken. Al deze bewegingen hebben namelijk een invloed op het paardrijden. Met andere woorden, ze helpen de ruiter om dingen aan het paard te vragen: vooruit te gaan, naar links te gaan,… Indien de ruiter deze bewegingen moeilijk onder controle kan krijgen, zal het paard soms niet begrijpen wat je van hem wilt. Men moet ook een goede oog-handcoördinatie hebben. Teveel bewegingen maken een paard immers nerveus.

Verbeteren van ritmegevoel en balans: het paard heeft  ritmische gangen, nl. stap en galop. De ruiter moet zich aanpassen aan die gangen anders valt hij er af. Elk paard heeft ook een ander ritme. Daar moet de ruiter ook mee leren omgaan. Voordeel van die ritmiek is dat er geen al te bruuske bewegingen zijn.

Spiertraining: paardrijden voorkomt spierverslapping. Op een paard dient men recht te zitten wil men er niet af vallen. De rugspieren worden dus ook getraind.

Ontspanning: buiten al deze technische lichamelijke voordelen is ontspanning ook belangrijk. Een paard is groot en tegelijkertijd ook zacht. En doordat het een sport is die in de vrije natuur wordt beoefend, zorgt paardrijden voor een flinke dosis zuurstof, een uitstekende remedie tegen stress…

Psychisch aspect

Paardrijden vergt de nodige concentratie. Het paard heeft immers een andere taal dan de ruiter.  Aandacht voor de lichaamstaal van het paard is dus vereist. Bovendien werkt het enorm positief voor het zelfvertrouwen als zo’n groot dier doet wat de ruiter wil. Zeker voor een kind werkt dit motiverend.

Deze vorm van macht komt weinig voor bij mensen uit de doelgroepen. Het paard doet wat de ruiter hem vraagt. Voor een kind of iemand met een beperking is dit dan ook een unieke ervaring.

Men is ook verantwoordelijk voor zo’n paard. Dit heeft dan weer een gunstige invloed op het zelfvertrouwen en vergroot zo de eigenwaarde.

En misschien wel het belangrijkste: er kan echt vriendschap gesloten worden met een paard. Het oordeelt niet, het houdt geen rekening met wat je wel of niet kan, met je achtergrond.  Hierdoor kan een echte band bekomen worden met het dier.

Sociale ontwikkeling

Zeker als de manège niet verbonden is aan een revalidatiecentrum, betekent dit een mooi voorbeeld van inclusie: de manèges doen actief moeite om de persoon met een beperking te laten deelnemen aan hun activiteiten. Zelfs indien het verbonden is aan een revalidatiecentrum, komt men nog in contact met verschillende mensen.

7. Conclusie

Deze tekst gaf een korte bespreking van het verschijnsel van therapie met paarden. We hebben geduid hoe mensen van allerlei slag (ongeacht leeftijd, beperking of ervaring) hieruit hun voordeel kunnen halen. Dit uit zich op verschillende vlakken: psychisch, sociaal, lichamelijk en cognitief.

Therapie met paarden wordt mogelijk gemaakt door de vele hulpmiddelen. Er is omzeggens geen beperking die een echt obstakel zou vormen voor de deelnemers.

Therapie met paarden kan dus zowel een aangename hobby zijn, als een therapie met heel veel mogelijkheden voor allerlei doelgroepen in de welzijnssector.

8. Bibliografie

VANDER KELEN, W., COPPENS, W. (2001-2002) Orthopedagogisch paardrijden, niet gepubliceerd eindwerk, Gent, HoGent, departement Sociaal Agogisch werk.

FLAMEZ, P. (2001-2002) Orthopedagogisch paardrijden, niet gepubliceerd eindwerk, Gent, HoGent, departement Sociaal Agogisch werk.

DEKENS, V. (2000-2001) Hippotherapie, niet gepubliceerd eindwerk, Gent, HoGent, departement Sociaal Agogisch werk.

20:32 Gepost door k | Permalink | Commentaren (0) |  Facebook |